Dit verhaal begint met Willmar. Niet mijn jongste broer Wilmar, maar Willmar, een plaats hier ruim 80 mijl vandaan in westelijke richting. Maanden geleden hadden we het al eens op de kaart zien
liggen en we hadden ons voorgenomen om er een keer naar toe te rijden. Afgelopen zaterdag was het zover. Rond het middaguur startten we de auto. Volgens de navigatie zouden we er zo'n twee uur over doen. We waren van plan om onderweg bij een Starbucks of Caribou aan te leggen voor de dagelijkse shot coffeïne. Echter, hoe verder we kwamen, hoe meer het countryside werd waarbij Starbucks en Caribou in geen velden of wegen meer te bekennen waren. Zelfs toen we na twee uur rijden in Willmar aankwamen, toch een redelijke plaats met 20.000 inwoners, was er geen bekende koffieketen te ontdekken. Wel een aantal tankstations en wat locale restaurantjes waar je het normale Amerikaanse slappe bakkie slootwater kunt krijgen. Maar de bekende koffieketens laten de countryside links liggen - blijkbaar moeten ze het meer hebben van het stadse volk.Het plaatsje Willmar had niet zo veel te bieden. Het enige vermeldenswaardige is dat het een groot spoorwegemplacement heeft (het ligt op de 2736 km lange Great Northern Railway tussen St. Paul
en Seattle), en dat het op 45e breedtegraad ligt, dat wil zeggen exact tussen de evenaar en de Noordpool. Daarmee is alles gezegd en na ruim een uur hadden we het wel gezien. Voor de terugweg namen we een andere route, County Road 12 East om precies te zijn. Toen we zo'n 20 mijl achter de rug hadden werden we verrast door het brullende geluid van motoren. Wat wil het geval? Direct rechts van de weg lag het circuit van de Grove Creek Raceway, een dragrace baan (www.grovecreek.com). We vielen met de neus in de boter want er was net op dat moment een race gaande. Dat moesten we natuurlijk zien.
Toen we het terrein opreden was het meteen duidelijk dat we hier te maken hadden met een wereldje op zich. Het terrein stond vol met stock cars, street cars, motorbikes, dragsters en junior dragsters. Verder vele golfkarretjes en quads, enerzijds
om over het terrein te rijden maar ook om de dragsters naar de racebaan te trekken. Om dit alles te vervoeren stonden er enorme gesloten aanhangers, voortgetrokken door zware pickups, ruime campers of zelfs compleet ingerichte bussen. Het mag wat kosten zal ik maar zeggen. Hele families waren meegekomen om te helpen bij het optimaal prepareren van de racemonsters. Het deed me terugdenken aan mijn jeugd, de jaarlijkse motocross in Sibculo op 2e Paasdag. Ik ben daar niet zo vaak geweest (ben niet zo'n crossfanaat) maar de herinneringen die me daarvan zijn bijgebleven zijn vergelijkbaar. Met dit verschil dat ook hier geldt: alles is hier groot, groter, grootst.
Terwijl Els en de meiden op de tribune plaatsnamen begaf ik me in de buurt van de start. Daar liep iemand de zaak te regelen die me erg deed denken aan Tonnie, onze buurman in Ruurlo. Een echte look-alike: hetzelfde postuur, joviaal in de omgang met de rijders en ondertussen de zaak prima onder controle. Ik heb nog Tonnie geroepen maar de man reageerde niet dus blijkbaar was het toch iemand anders :-)
Bij de start kon je de spanning aflezen op de gezichten van de rijders - het adrenaline-nivo was op z'n maximum. Kort voor de start werden de achterbanden op temperatuur gebracht door de wielen te spinnen, de zgn Burn out. Dit ging natuurlijk gepaard met veel lawaai, rook en de geur van verbrand rubber. Vervolgens gingen beide rijders klaar staan voor de startprocedure: in de Christmas Tree flitsten 3 gele lampen van boven naar beneden aan, daarna volgde het groene startlicht en weg waren ze. De snelsten zaten binnen 6 (s) op 200 (km/u) waarmee ze heel snel uit het zicht waren. Wat een geweld. Al met al een fantastisch spektakel om mee te maken.

Ik kon natuurlijk niet achterblijven. Direct nadat we weer op weg naar huis gingen heb ik de kinderen nog even laten ervaren waartoe de Audi Q7 in staat is. Ze dachten echt dat die meekon in dit geweld maar ik heb ze gauw uit de droom geholpen. Met 0-100 (km/u) in 7.2 (s) is de Q7 best
wel snel, maar dat is niets vergeleken bij deze racemonsters. De terugweg bracht ons ook nog langs Hutchinson. Een tijd geleden kwam ik er op White Pages achter dat er een aantal Berghuis families in deze plaats wonen, waaronder Harry C Berghuis. Volgens White Pages is Harry 50-54 jaar oud, getrouwd met Kathy en hebben ze twee kinderen, Melanie en Ryan. Omdat we toch in de buurt waren zijn we maar even langs het huis gereden. Harry woont met zijn gezin op het platteland een paar mijl buiten Hutchinson. Het leek alsof er niemand thuis was dus hebben we wat foto's gemaakt.
Zoals je in Nederland de Sloopregeling hebt waarbij je tot maximaal € 1750 krijgt als je een oude auto inruilt voor een nieuwer exemplaar, zo heb je hier het Cash for Clunkers programma met maximaal $ 4500 als je je benzineslurper inruilt voor een zuiniger model. In Amerika was er $ 1 miljard uitgetrokken voor het programma. Dat was echter na één week al op omdat er bijna 250.000 (!) auto's waren ingeruild. De inruilers moeten daarbij meteen onklaar gemaakt worden om te voorkomen dat men de (soms best nog prima) auto's weer in het circuit brengt. Daarvoor gooit men een schadelijk troepje in het motorblok dat er toe moet leiden dat de motor binnen 1-2 minuten in de soep loopt. Dat het ook langer kan duren blijkt wel uit dit filmpje. Vooral autofabrikanten zoals Ford varen wel bij het programma. Vanwege het enorme succes is de Obama regering dan ook naarstig op zoek naar nog eens $ 2 miljard om het programma te verlengen. Op een geschat begrotingstekort van $ 1700 miljard doet $ 2 miljard meer er ook niet meer toe...
Leonie weet al jaren wat ze later wil worden: verkoopster in een kledingzaak en schrijfster. Voor dat laatste kwam het goed uit dat er afgelopen week een summercamp Create A Book werd georganiseerd. Leonie had zich daarvoor opgegeven. Het summercamp liep van maandag tot en met donderdag. Leonie schrijft:
De eerste dag kregen we een notebook. We moesten een onderwerp bedenken en dan het verhaal gaan schrijven. Mijn boek heet The Castle with a Secret. Nadat ik het verhaal in mijn notebook had geschreven ging ik het uittypen en uitprinten. Daarna plakte ik het in een boek. Toen ging ik een voorkant maken met waterverf. Op de laatste dag konden de ouders een kwartier eerder komen. We hadden alle boeken op een tafel gezet en de ouders konden een boek pakken en het lezen. Hier is een korte samenvatting van mijn boek: Kayla en haar familie zijn een weekend naar hun cabin. Ze reizen rond en komen uit bij een kasteel, Kasteel Roemph. Ze gaan met een groep door het kasteel en Kayla ziet een deur. Achter de deur ontmoet ze een oude vrouw die haar vertelt dat ze een raadsel moet oplossen. Jack, die ze heeft ontmoet in het kasteel, helpt haar en samen lossen ze het raadsel op.
Ik heb het gehele verhaal gelezen en het is erg spannend, een echt Huis Anubis boek.
Op zondag kregen we bezoek van de Westendorp family. Henk Westendorp is een collega die werkt bij de Marketing afdeling van Medtronic CRDM. Henk en Mariel en hun (inmiddels) drie kinderen Kai, Nine en Zoe zijn in mei 2005 hier naar toe gekomen op tijdelijke (expat) basis. Ze

hadden een lang weekend gekampeerd in Bemidji, ook wel bekend als
the first city on the Mississippi omdat daar de Mississippi begint, en kwamen op de terugweg bij ons langs. Ze hadden de kano meegenomen en natuurlijk de werphengels om te vissen. Dat laatste kwam erg goed uit: er was een tijd geleden een zak in de vijver gewaaid die mij een doorn in het oog was. Voor Henk was dat een eitje: drie keer werpen en de zak hing als een snoek aan de haak. Als tegenprestatie hadden we de grill aangestoken. Ondertussen vertelden Henk en Mariel dat het nog steeds erg goed bevalt maar dat ze wel hebben besloten om volgend jaar zomer, na vijf mooie jaren, terug te gaan naar Europa. Het was erg gezellig - de tijd vloog voorbij.
Komende week gaan wij er op uit. We hebben een cabin geboekt in South Dakota, in de buurt van Hill City in de Black Hills. Het is een rit van zo'n 10 uur en we zullen er 5 dagen verblijven. Daarover volgende keer meer.
Tot slot, voor wie het nog niet gehoord of gelezen had: Ferdi E, de ontvoerder van Gerrit Jan Heijn, is verongelukt in Vorden. Hij was, nadat hij zijn straf had uitgezeten, in Ruurlo neergestreken. Dat leidde in mei 2006 nog tot de nodige commotie omdat hij de woning van € 425.000 van zijn in de gevangenis opgebouwde WAO-uitkering zou hebben gekocht. Hoe dan ook, hij heeft er niet lang van kunnen genieten.